Biografische Sprookjes 2

Biografische Sprookjes 2
Biografische Sprookjes 2

Zeven Biografische Sprookjes!
Biografische Sprookjes deel 2 met tekeningen door leerlingen van basisschool De Omnibus.
Sprookjes geschreven bij de levens van zeven bestaande mensen: De prop (Duska Bebelman), Het kaartspel (Ank van Groen), Het computerspel (Cliff Miltiades), De hort op (Henny Bakker), Het volgende leven (Louise Gregoire), Het rode lint (Peter Kniesmeijer) en Toby Speedboat (Toby Nieuwenhuisen)

€ 15,- (excl. porto)
te bestellen bij heinwalter@tiscali.nl

Voorwoord  

Biografische sprookjes. Mijn leven is geen sprookje, antwoordde iemand toen ik hem vroeg of ik een sprookje over zijn leven mocht schrijven. Ik kon de man niet overtuigen, hij deed niet mee. Gelukkig een heleboel anderen wel.
Ik heb er geen andere goede benaming voor gevonden, dus ik laat het bij sprookjes, ook al realiseer ik me dat die benaming niet echt de lading dekt. Een romanschrijver schrijft fictie en kan daar autobiografische elementen voor gebruiken, mijn manier van schrijven is dat ik de autobiografische elementen als uitgangspunt neem en daar fictie aan toevoeg. Dat kan resulteren is een magisch realistisch verhaal, een religieus of spiritueel verhaal en soms past echt de benaming sprookje. Het zijn allemaal verhalen van levens.

Het is een nieuw genre. Ik heb nu laten zien dat het goed werkt. Wie weet dat anderen deze manier van schrijven gaan navolgen.

Mijn werkwijze was als volgt. Ik ging op bezoek bij een bewoner van Archipel en nam drie leerlingen mee van basisschool De Omnibus. Groep 7. Er zijn vier groepen 7 op deze school. Ik sprak zo’n anderhalf uur met de bewoner over diens leven. Geen interview, maar een gesprek. De leerlingen maakten een visueel verslag van het gesprek.
Na dat gesprek schreef ik de tekst. Daags erna ging ik bij de bewoner langs en las het sprookje voor. Als de tekst akkoord was, dan regelde ik een nieuwe ontmoeting. Dan las de oudere het sprookje voor aan de drie kinderen en tekenden zij illustraties bij het sprookje. Van het geheel maakte ik dit boek en ook een tentoonstelling.

Wat ook heel bijzonder was, was het voorlezen van het sprookje in school. Steeds met drie ouderen kwam ik in de klas. Dan lazen zij om beurten hun sprookje voor en namen we daarna even de tijd om vragen te beantwoorden en reacties in ontvangst te nemen.
Heel mooi om ouderen in de klas te zien, hun soms krakerige stemmen daar te horen en te ervaren hoe de kinderen muisstil naar hun verhalen luisteren. En ook mooi om te zien dat de emoties van de ouderen overslaan naar de kinderen. 
Voor de ouderen was het voorlezen een bijzondere ervaring. Soms zelfs een overwinning. 
Alleen al het komen in een eigentijdse klas, zo volkomen anders van sfeer in vergelijking met de sfeer in de klas die zij zich herinneren uit hun jeugd, is een ervaring. Het valt de ouderen op dat de kinderen van nu zo vrij zijn, zichzelf zijn. Voor mij was het mooi om te zien dat de ouderen ook helemaal zichzelf waren.

Een project waar ik trots op ben! Voor alle betrokkenen was het een bijzondere ervaring.

Hein Walter, april 2015